“In the midst of winter, I found there was, within me, an invincible summer.
And that makes me happy. For it says that no matter how hard the world pushes against me, within me, there’s something stronger – something better, pushing right back.”
― Albert Camus
Hier beschrijft Camus heel mooi dat pijn en tegenslag je bij iets kostbaars kunnen brengen. Wij mensen zijn pijn-vermijdende beestjes. We willen pijn vermijden omdat ze zo akelig voelt. Maar pijn heeft een hele belangrijke functie. Zonder pijn wordt er geen kind geboren. Zonder pijn zouden we niet in onze kracht komen. Plantjes die in ideale omstandigheden worden gekweekt, redden het niet als ze in de natuur worden uitgezet. Ze zijn niet opgewassen tegen de soms barre omstandigheden van de natuur.
Een leven zonder pijn lijkt ideaal maar dat is het niet. Kijk maar naar de ziekte Congenitale analgesie. Dragers van deze (genetische) ziekte kunnen geen fysieke pijn voelen, waardoor ze vaak verwondingen oplopen zoals brandwonden, beenbreuken en andere blessures. Uiteindelijk leidt deze ziekte tot een vroegtijdige dood. Het gaat hier om fysieke pijn maar voor geestelijke pijn geldt hetzelfde. Ze is noodzakelijk en wijst ons de weg.
Zelf ben ik ook niet dol op pijn. Maar ik leer wel om me met mijn pijn te verzoenen. Mijn diepste pijn is het verlies van mijn jongste zoon Pepijn. Wel bijzonder dat in zijn naam het woord pijn zit. Daar hebben we die naam natuurlijk niet om gekozen. Pepijn klinkt voor mij als naam, licht en vrolijk en dat past helemaal bij wie Pepijn was. Ik schrijf en praat graag over Pepijn omdat hij zo belangrijk voor me is. Als ik over hem vertel komt hij tot leven. Nu zie ik bijvoorbeeld zijn brede grijns voor me en de pretlichtjes in zijn ogen. Wat een prachtig kind. Wat had ik graag langer van hem willen genieten. Wat had ik graag deze kerst met hem aan tafel gezeten. Wat zou ik hem dolgraag een knuffel willen geven en hem vertellen hoeveel ik van hem hou.
Maar het leven besloot anders. En daar ben ik regelmatig woest over geweest en diep verdrietig. Maar als ik dan al die gevoelens weer heb gevoeld kom ik bij een diepe innerlijke rust, bij overgave. Ik kan dan zien dat ik niet beslis maar het leven beslist. Ik heb Pepijn niet gemaakt. Hij is mij als het ware in de schoot geworpen. Wat een wonder is het leven.
Als ik van tevoren had geweten dat Pepijn hier maar krap 15 jaar zou zijn, had ik volmondig ja gezegd tegen het moederschap van Pepijn. Elke seconde met Pepijn was het waard. Door de dood zie ik de waarde van het leven nog dieper. Ik verwonder me over de diepte van mijn liefde voor Pepijn. Dat Pepijn niet meer fysiek in mijn leven is, doet niks af aan die liefde. Natuurlijk voel ik die liefde ook voor mijn andere zoon Boris.
En daar gaat het dus allemaal om. De liefde. Geen sentimentele zoetsappige liefde maar een liefde zo krachtig en onbeheersbaar dat ‘ie je open breekt en op je knieën dwingt. In overgave naar wat groter en dieper is dan mijn verstand kan bedenken. Die liefde zou ik de zomer noemen waar Camus het over heeft. Die liefde is niet berekenend, stelt geen enkele voorwaarde en is eindeloos beschikbaar. Ik zal altijd van Pepijn houden, waar hij ook is, waar ik ook ben. Een onverwoestbare zomer die me verwarmt en thuis brengt bij de essentie van het leven. Een liefde die sterker is dan alle pijn die het me heeft gekost. En die pijn, ja zelfs daar ga ik inmiddels van houden. Ik merk dat ik in de pijn dichter bij mijn liefde kom, dichter bij Pepijn, dichter bij de diepte van mijn hart. Ik wist niet dat ik tot zoveel liefde in staat was.
Alles is veranderlijk, alles komt en gaat, maar de liefde blijft. Dat is mijn anker. Daar wil ik voor leven.
Pijn wijst ons de weg. Pijn kan ons vertellen wat er echt toe doet. De donkere winter brengt ons bij de onoverwinnelijke zomer.
Geestelijke pijn is net als lichamelijke pijn. Ze heeft aandacht en verzorging nodig. Bij fysieke pijn doen we dat meestal als vanzelf. Als we een wond hebben, maken we die schoon en doen er een pleister op. We beschermen en verzorgen de wond tot ze genezen is. Bij geestelijke pijn hebben we de neiging weg te kijken en ‘nee’ te zeggen. Maar dat is zonde. Nee zeggen tegen pijn creëert extra pijn die boven op de oorspronkelijke pijn komt.
“The way out is the way in”. Tich Nhat Hanh.
Zen en zingen 10 jan 2025
We moeten dus naar de pijn toe. En dan kom ik bij muziek want die kan hierin een belangrijke rol spelen. Muziek wordt rijker als er diepte in zit, als er pijn en verlangen in doorklinkt. Muziek zonder gevoelens is heel saai. Een leven zonder gevoelens trouwens ook. Dus voel alles en maak er muziek van. Dat is de uitnodiging bij Zen en Zingen. Het is heel simpel. Vertragen, verstillen, voelen en zingen. Totale eenvoud. Want in een druk hoofd is weinig ruimte voor voelen. En omdat we voelen vaak vermijden kan er ook veel ongemak voelbaar worden. Ook dat ongemak voelen en ermee zingen. Alles komt en gaat. En alles kan moeiteloos meestromen in de muziek die van nature stromend van aard is.
Voel je welkom bij Zen en Zingen op 10 januari 2025 op Het Groene veld. Vanaf 19.30 zijn de deuren open en is er thee, iets lekkers en live muziek. Om 20.00 uur start de samenzang. Entree is 15 euro pp.
Vooraankondiging: Stille Tocht 18 jan 2025
Op 16 januari 2024 is het precies 4 jaar geleden dat Pepijn overleed. De stille tocht, een wandeling over het Pepijnpad, doen we sindsdien jaarlijks. Dit jaar op zaterdagavond 18 januari om 18.01 uur. We verzamelen op de hoek van de M.J. E. Lippitsstraat en de G.J. Scheurleerweg. Iedereen mag meelopen en een lichtje of kaarsje meenemen. Je hoeft niet aan Pepijn te denken. Je hoeft hem zelfs niet te kennen. Denk aan jouw pijn, aan jouw verlangen en maak ruimte voor alles wat het leven en de dood in jou aanraakt. Of loop mee omdat het zo sfeervol is om met honderden lichtjes door de donkere bush-bush te lopen. (Meelopen is gratis.)
‘Dat is het moeilijke in deze tijd, idealen, dromen, mooie verwachtingen komen nog niet op of ze worden door de gruwelijkste werkelijkheid getroffen en zo totaal verwoest. Het is een groot wonder dat ik niet al m’n verwachtingen op heb gegeven, want ze lijken absurd en onuitvoerbaar. Toch houd ik ze vast, ondanks alles omdat ik nog steeds in de innerlijke goedheid van de mensen geloof.’
~Anne Frank